Het hart; systolische en diastolische bloeddruk

[ad]

Het hart pompt op gecoördineerde wijze bloed rond. Eerst moeten de atria (boezems) en vervolgens de ventrikels (kamers) contraheren. De wijze en volgorde waarop het hart slaat, wordt een hartcyclus genoemd en bestaat uit vijf fasen. De kracht waarmee het hart bloed rond pompt, wordt de bloeddruk genoemd. Deze bloeddruk (tensie) kan gemeten worden. De tensie kan normaal (normotensie), verlaagd (hypotensie) en verhoogd (hypertensie) zijn. Hypertensie is een risicofactor voor het krijgen van hart- en vaatziekten en kan behandeld worden met leefstijladviezen en medicijnen.

Het hart pompt bloed gecoördineerd rond; de hartcyclus
Het hart pompt het bloed op gecoördineerde wijze bloed rond. De wijze en de volgorde waarop de atria (boezems) en ventrikels (kamers) contraheren, wordt de hartcyclus genoemd. De hartcyclus bestaat uit een vaste volgorde van vijf fasen en duurt tussen de 800 en 1000msec. Deze vijf fasen zijn:

  • Atriale systole
  • Eerste fase van de ventriculaire systole en atriale diastole
  • Tweede fase van de ventriculaire systole (250-300msec)
  • Eerste fase van de ventriculaire diastole
  • Tweede fase van de ventriculaire diastole

Atriale systole
De atriale systole duurt ongeveer 100msec. Tijdens de atriale systole pompen de atria bloed in de ventrikels.

Eerste fase van de ventriculaire systole
In de eerste fase van de ventriculaire systole genereren de ventrikels wel genoeg druk om de kleppen tussen atria en ventrikels (AV-kleppen) dicht te drukken, maar niet genoeg druk om de semilunaire kleppen (halvemaanvormige kleppen) open te drukken. De semilunaire kleppen zijn de hartkleppen tussen de ventrikels en slagaders die het hart verlaten.

Tweede fase van de ventriculaire systole
In de tweede fase van de ventriculaire systole genereren de ventrikels wel genoeg druk om de semilunaire kleppen open te drukken en pompen de ventrikels bloed in de slagaders. De eerste en tweede fase van de ventriculaire systole samen duurt tussen de 250 en 300msec. Tijdens deze fasen ontspannen de atria weer (atriale diastole)

Eerste fase van de ventriculaire diastole
In de eerste fase van de ventriculaire diastole stromen de atria vol. De AV-kleppen zijn echter nog gesloten, waardoor geen bloed in de ventrikels stroomt.

Tweede fase van de ventriculaire diastole
In de tweede fase van de ventriculaire diastole openen de AV-kleppen en kan ook passief bloed in de ventrikels stromen. De eerste en tweede fase van de ventriculaire diastole duurt 450 tot 550msec.

Wat is bloeddruk?
Tijdens de ventriculaire systole genereert het hart druk. Deze druk wordt bloeddruk, of tensie genoemd en kan gemeten worden. De bloeddruk wordt uitgedrukt in millimeters kwikdruk, oftewel mmHG. De bloeddruk wordt meestal gemeten aan de linker arm. De bloeddruk wordt weergegeven in boven- en onderdruk op de volgende manier: bovendruk/onderdruk mmHg. De bloeddruk wordt gemeten door een opblaasbare band (manchet) om de linkerbovenarm te doen. Deze manchet wordt opgeblazen totdat deze de slagader van de arm dichtdrukt en dus geen polsslag meer is te voelen. Vervolgens wordt een stethoscoop boven de slagader geplaatst (vaak in de elleboog) en wordt langzaam lucht uit de manchet gelaten. Het eerste moment dat weer een harttoon wordt gehoord is het moment dat het hart meer kracht genereert, dan dat de kracht van manchet groot is. Dit is het moment dat de systolische bloeddruk in kaart wordt gebracht. Wanneer men verder lucht uit de manchet laat ontsnappen, is op een gegeven moment geen harttoon meer hoorbaar. Het laatste moment waarop nog een harttoon hoorbaar is, is de diastolische bloeddruk.

De harttonen worden ook wel Korotkoff-tonen genoemd. De gemeten bloeddruk kan normaal (normotensie), verhoogd (hypertensie), of verlaagd (hypotensie) zijn. Hieronder wordt weergegeven wanneer men spreekt van een normotensie, hypertensie en hypotensie:

  • Normotensie rond de 80/120mmHg
  • Onder de 140/90mmHg spreekt men nog van normale bloeddruk
  • Hypotensie minder dan 90/60mmHg
  • Hypertensie meer dan 140/90mmHg

Hypertensie is een risicofactor voor het krijgen van hart- en vaatziekten en het is daarom zinvol om hypertensie te behandelen. De behandeling van hypertensie bestaat uit leefstijladviezen en soms medicatie. De leefstijladviezen van hypertensie bestaan uit:

  • Stoppen met roken
  • Minder zout (natrium) eten
  • Gezond eten
  • Afvallen
  • Veel bewegen en minimaal 30 minuten bewegen per dag
  • Stressreductie

Naast leefstijladviezen kunnen ook medicijnen nodig zijn. Medicijnen die vaak gebruikt worden bij hypertensie zijn:

  • Calciumantagonisten, calciumantagonisten laten het hart minder krachtig samentrekken
  • Renine-Angiotensine-Systeem-remmers (RAS-remmers), remmen de vorming van angiotensine II. Angiotensine II is een hormoon wat de bloeddruk verhoogt
  • Beta-blokkers, beta-blokkers remmen de gevoeligheid van het hart voor adrenaline en noradrenaline, waardoor het hart minder krachtig slaat
  • Diuretica (plaspillen), plaspillen verminderen de hoeveelheid water in het bloed. Hierdoor neemt de vullingsgraad van het hart af en daalt de bloeddruk

Wat is arteriële druk?
Arteriële druk is een gemiddelde bloeddruk die het hart genereert gedurende één hartcyclus. De arteriële bloeddruk wordt als volgt berekend: (systolische bloeddruk plus twee keer de diastolische bloeddruk) gedeeld door drie. Bij een arteriële druk kleiner dan 60mmHg is de druk te laag om de weefsels goed van bloed te kunnen voorzien.

[ad]

Het hart; een overzicht van de bouw, ligging en functie

Het hart; anatomie van de buitenzijde van het hart

Hartkleppen en hartgeluiden

Bronnen:

www.hartstichting.nl
JE. Hall, 2013, Pocket Companion to Textbook of Medical Physiology, Elsevier Inc
GA Thibodeau, Patton KT 2012, Anatomy & Physiology, Mosby/Elsevier
EN Marieb, Hoehn K 2012, Human Anatomy & Physiology, Pearson/Benjamin Cummings