Behandeling van osteoporose (botontkalking)

Bij osteoporose is er sprake van een lage botmassa en is er een hoger risico op het krijgen van fracturen. De preventie en behandeling van osteoporose is vrij uitgebreid. In dit artikel zal hier verder op ingegaan worden. Belangrijke aandachtspunten zijn een voldoende inname van calcium en vitamine D. Ook lichaamsbeweging is erg belangrijk. Verder kunnen bifosfonaten en hormoonvervangende medicijnen ingezet worden in de behandeling van osteoporose.

Preventie en behandeling van osteoporose
Voor de preventie en behandeling van osteoporose zijn de risicofactoren die een bepaalde persoon heeft van belang, hier kan men dan ingrijpen om te proberen fracturen te voorkomen.

Het dieet moet ten minste 1000mg calcium bevatten per dag (na de menopauze 1500 mg) en 400-800 IU vitamine D. Drie keer in de week een half uur gewichtdragende beweging zou ten gunste van het bot moeten komen, hoewel dit niet in alle onderzoeken ondersteund wordt. Roken heeft een slechte invloed op bot, het versnelt de botafbraak waarschijnlijk omdat het oestrogeenmetabolisme versnelt. Een reductie in het aantal vallenincidenten geeft ook minder kans op fracturen. Dit zou je kunnen bereiken met fysiotherapie waarbij valoefening wordt gegeven, huisaanpassingen zodat gevaarlijke situaties gemeden worden. Voor ouderen bestaan er ook heupbeschermers, de heupfractuur is namelijk de meest voorkomende fractuur bij de oudere. Het dragen van deze heupbeschermers verminderen het aantal fracturen met 60% in o.a. verzorgingshuizen. Als men 7.5 mg of meer prednisolon of soortgelijke medicatie moet innemen gedurende 6 maanden of langer dan is het verstandig om naar coëxisterende risicofactoren van de patiënt te kijken (leeftijd, eerdere fracturen, hormoon huishouding etc.). Als er meerdere risicofactoren aanwezig zijn, wordt meestal een preventieve behandeling gestart met bifosfonaten. Bij andere patiënten is de DXA scan belangrijk voor het onder controle houden van de patiënt.

Bifosfonaten en osteoporose
Bifosfonaat is een analoog van het normale botpyrofosfaat. Het adhere aan hydroxyyapatitie en remt osteoclasten. Alendronaat verhoogd de botmassa in de heup en wervelkolom, en verminderd de incidentie van fracturen in wervels, heup en op andere plaatsen, voornamelijk in vrouwen die al eerder een wervelfractuur hebben door gemaakt. De werking van Risedronate is gelijk aan Alendronaat. Het effect van Etidronaat is ook gelijk aan Alendronaat, alleen wordt in studies met deze bifosfonaat niet dezelfde reductie in risico op fracturen gevonden. Etidronaat wordt cyclisch gegeven, 2 weken Etidronaar wordt afgewisseld met 76 dagen calcium supplementen. De optimale duur van bifosfonaten therapie is niet bekend, maar langdurige onderdrukking van het botmetabolisme heeft ook nadelige effecten daarom wordt het advies gegeven om na 3-5 jaar behandeling te kijken naar een eventuele andere behandeling.

Hormoonvervangende therapie bij osteoporose
Voor postmenopauzale vrouwen is hormoon vervangende therapie en optie bij de behandeling van osteoporose, zeker als er ook nog sprake is van significante menopauzale klachten, is deze therapie een goede keus. Hormoon vervangende therapie verlaagt het verlies van botmassa en verminderd daarmee het risico op fracturen in de wervel en op andere plaatsen (o.a. de heup en onderarm). Aan hormoon vervangende therapie zitten ook vele nadelen, zo moet men de therapie levenslang gebruiken om voordeel in het bot te bereiken. De balans tussen de voordelen (verminderd risico op fracturen) en de nadelige effecten (op de borst, endometrium, trombose) is complex. Verder kunnen er ook nog doorbraak bloedingen plaats vinden, dit vinden veel vrouwen ook een groot nadeel. Een selectieve oestrogeen receptor modulator (SERM), Raloxifene activeert oestrogeen receptoren in bot (fysiologisch gelijk aan hormoon vervangende therapie. Het voorkomt botmassa verlies in de wervelkolom en in de heup in postmenopauzale vrouwen, hoewel alleen de fracturen in de wervelkolom verminderd worden. Het werkt niet in op het endometrium. Het vermindert tevens de incidentie van oestrogeen-receptor-positieve borstkanker met 90% in 3 jaar. Beenkramp en flushings komen meer voor dan bij hormoon vervangende therapie, de incidentie van tromboembolische complicaties is ongeveer gelijk aan die van hormoon vervangende therapie. Androgenen kunnen worden gegeven aan hypogondale mannen, hoewel prostaat hypertrofie soms een limiterende factor kan zijn en de PSA waarde van de patiënt moet normaal zijn.

Combinatietherapie van osteoporose
Bij ouderen is combinatietherapie van calcium met vitamine D noodzakelijk, vooral voor degene die in een verzorgingshuis wonen. Andere combinatietherapieën kunnen ook overwogen worden zoals hormoon vervangende therapie in combinatie met bifosfonaten of SERM in combinatie met bifosfonaten. Wanneer zowel bifosfanaat als hormoon vervangende therapie niet getolereerd worden in de patiënt, zo men kunnen kiezen voor behandeling met Calcitriol, dit zorgt voor verbeteringen in de bot dichtheid en verminderd zowel vertebrale als niet-vertebrale fracturen. Bij deze behandeling moeten de serum calcium spiegels goed in de gaten gehouden worden. Men zou ook kunnen behandelen met Calcitonin, wat voor verminderde wervelfracturen zorgt. Fluoride zorgt voor een toename in bot dichtheid, maar de kwaliteit van het bot dat wordt opgebouwd is niet van de hoogste kwaliteit en daarom wordt de behandeling met Fluoride afgeraden.

Lees ook:

Loop geen inkomsten mis, schrijf over hobby, werk of studie en verdien extra inkomsten!

Maak je eigen geldmachine in 8 stappen en wordt financieel onafhankelijk

Osteoporose; botontkalking

Botten en ontkalking

Wat is de werking van calcitonine?

Herstel van botbreuken

Calcium in de voeding

Vitamine D tegen vermoeidheid, voor sterke botten en spieren en nog veel meer. Zwak en moe door Vitamine D gebrek

Vitamine D, Ergocalciferol, Cholecalciferol, Calcidiol, Calcitriol

Bothomeostase (botopbouw en botafbraak)

Bronnen:
E. Rubin, Farber, JL, Pathology (1999), Lippincott-Raven, Philadelphia, New York
H. de Vries, de Jongh, TOH, Grundmeijer, HGLM, Diagnostiek van alledaagse klachten (2003), Bohn Stafleu van Lofhum, houten
EH van de Lisdonk, van den Bosch, WJHM, Lagro-Janssen, ALM, Ziekten in de huisartspraktijk (2003), Elsevier gezondheidszorg, Maarssen
Parveen Kumar, Michael Clark, Clinical
Medicine (2002), W.B. Saunders, Philadelphia